Hoe zit het met de (toegenomen) aansprakelijkheid van de bestuurders in mijn coöperatie?

Het privévermogen van bestuurders kan in principe niet aangesproken worden voor de schulden van de vennootschap. Maar er is meer dan één maar.

Het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen voorziet nu in een algemene aansprakelijkheidsregeling. Algemeen omdat ze geldt voor alle rechtspersonen, ongeacht de concrete vorm; BV, CV, NV of zelfs VZW. De regeling geldt voor elk lid van een beheersorgaan, dus niet alleen voor het bestuursorgaan (vroegere raad van bestuur) maar ook voor de dagelijks bestuurder(s) en zelfs voor feitelijke bestuurders. Feitelijke bestuurders zijn de personen die de vennootschap werkelijk besturen, ook al zijn ze daartoe niet effectief benoemd (door de algemene vergadering, met een publicatie in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad).

De basisregel is en blijft: dankzij de rechtspersoonlijkheid van de coöperatieve vennootschap (het vroegere achtervoegsel “met beperkte aansprakelijkheid”) is de bestuurder niet persoonlijk gebonden door de verbintenissen die hij/zij in naam en voor rekening van de vennootschap aangaat. Jouw privévermogen kan in principe niet aangesproken worden voor de schulden van de vennootschap.

Toch zijn er een aantal uitzonderingen op die algemene regel. Wie een vennootschap bestuurt, is ten aanzien van de vennootschap en derden persoonlijk aansprakelijk voor bewezen beheersfouten – en de schade die daaruit volgt. De basisregel in het Wetboek van vennootschappen en verenigingen:

Art 2:56 De in artikel 2:51 bedoelde personen en alle andere personen die ten aanzien van de rechtspersoon werkelijke bestuursbevoegdheid hebben of hebben gehad, zijn jegens de rechtspersoon aansprakelijk voor fouten begaan in de uitoefening van hun opdracht. Dit geldt ook jegens derden voor zover de begane fout een buitencontractuele fout is.

Gewone bestuursfouten

Een gewone bestuursfout is een algemene fout die je als bestuurder maakt tijdens de uitvoering van je bestuursopdracht. Denk daarbij aan: vergaderingen van het bestuursorgaan niet bijwonen, een factuur laattijdig betwisten, nalaten om een noodzakelijke verzekering af te sluiten of vergeten om een handelshuurovereenkomst te hernieuwen.

Inbreuken op de wet of de statuten

Daarnaast kan een bestuurder verantwoordelijk worden gesteld voor een inbreuk op de vennootschapswetgeving, de boekhoudwetgeving of op de statuten. Dit kan zijn: de vennootschap laten handelen buiten haar voorwerp (het vroegere doel), het niet neerleggen van de goedgekeurde jaarrekening, het niet naleven van de procedure rond belangenconflicten of van de alarmbelprocedure …

Buitencontractuele fouten

Ook als je een buitencontractuele fout begaat ten aanzien van derden of ten aanzien van de vennootschap ben je aansprakelijk als bestuurder. Het gaat dan bijvoorbeeld om verduistering van gelden of goederen die eigendom zijn van de onderneming.

Kennelijk grove fouten die hebben bijgedragen tot faillissement

Maakt een bestuurder een kennelijk grove fout die later aanleiding geeft tot het faillissement van de vennootschap? Dan kan hij/zij aansprakelijk worden gesteld voor het geheel, of een deel, van de schulden. Een typisch voorbeeld van zo’n fout is fiscale fraude.

“Wrongful trading”

Hiermee bedoelt de wetgever het bewust verderzetten van een verlieslatende activiteit. Je weet als bestuurder dat je schip zinkende is, maar je verkiest dit te negeren en toch door te gaan. Als je vennootschap dan failliet gaat, kan de rechter je veroordelen tot betaling van een deel, of zelfs het geheel, van het netto-passief.

Een bestuurdersfout moet uiteraard juridisch vastgesteld worden. Er moet bewezen worden dat er een oorzakelijk verband is tussen de geleden schade en de begane fout. Het principe van de ‘marginale toetsing’ is nu wettelijk bepaald. Een rechtbank kan pas een aansprakelijkheid vaststellen wanneer een bestuurder iets gedaan heeft dat een andere, ‘degelijke’  bestuurder in dezelfde omstandigheden nooit zou doen:

Art 2:56 WVV “Deze personen zijn evenwel slechts aansprakelijk voor beslissingen, daden of gedragingen die zich kennelijk buiten de marge bevinden waarbinnen normaal voorzichtige en zorgvuldige bestuurders, geplaatst in dezelfde omstandigheden, redelijkerwijze van mening kunnen verschillen.”

Ten slotte vestigen we nog even de aandacht op dit artikel:

Art 2:52: “Wanneer gewichtige en overeenstemmende feiten de continuïteit van de onderneming in het gedrang kunnen brengen, moet het bestuursorgaan beraadslagen over de maatregelen die moeten worden genomen om de continuïteit van de economische activiteit voor een minimumduur van twaalf maanden te vrijwaren.”

Zorg er dus voor dat je ernstige problemen op de agenda van het bestuursorgaan plaatst en dat je overlegt over de noodzakelijke maatregelen die lopen over een termijn van minstens twaalf maanden. Stel zeker verslagen op waaruit blijkt dat je deze procedure nauwgezet gevolgd hebt.

Je bent als individuele bestuurder niet akkoord met de gang van zaken in het bestuursorgaan? Gebeuren er zaken die je als bestuurder niet kunt accepteren? Laat dat dan zeker notuleren op de volgende vergadering van het bestuursorgaan. Wordt er geen gevolg gegeven aan je verzoek, klaag de feiten dan aan op de eerstvolgende algemene vergadering. Vraag je medebestuurders om de zaken recht te zetten. Neem als laatste redmiddel, bij ernstige feiten, ontslag. Een bestuurder blijft steeds aansprakelijk voor bestuursfouten gemaakt vóór het ontslag, ook al leiden deze pas tot schade na het ontslag.

Kan een verzekering soelaas brengen?

Verzekeringen bestuurdersaansprakelijkheid zijn meer en meer ingeburgerd. In principe kan de vennootschap zelf een verzekering afsluiten ten voordele van haar bestuurder. Daarbij is het van belang dat in de verzekeringspolis nauwgezet wordt nagegaan welke fouten gedekt zijn onder de polis. Alleszins zal geen dekking verleend worden in geval van opzet of in geval van strafrechtelijke aansprakelijkheid.