Nieuwe prospectuswet: ook impact op coöperatieve vennootschappen!

18/09/2018

Sinds 21 juli kunnen de meeste Belgische ondernemingen gemakkelijker toegang krijgen tot risicokapitaal. De regels rond de zogenaamde prospectuswet werden namelijk aanzienlijk versoepeld onder impuls van een Europese verordening. Maar wat betekent deze nieuwe regelgeving voor erkende coöperatieve vennootschappen die voorheen van een bijzondere vrijstelling genoten?

Voor coöperaties die minder dan 500.000 euro ophalen met een maximum van 5.000 euro per vennoot gaat het zonder meer om een administratieve vereenvoudiging. Voor zij die tussen de 500.001 en 5.000.000 euro ophalen, zal er met de invoering van de zogenaamde verplichte ‘informatienota’ meer huiswerk aan te pas komen. Maar daar tegenover staat het oude plafond van 5.000 euro per vennoot weggevallen is. De coöperatie krijgt dus meer vrijheid om zich te laten financieren door het grote publiek. Boven de 5.000.000 euro moet er net zoals voorheen wel een prospectus opgesteld worden.

Situatie voor 21/07/2018

Voorheen beschouwde de FSMA het als een openbare aanbieding van een financieel product wanneer coöperaties meer dan 150 potentiële vennoten aanspraken om in te tekenen op aandelen en meer dan 100.000 euro kapitaal per jaar zouden ophalen. Gevolg: de raad van bestuur moest een prospectus opstellen waarin de voorwaarden van de uitgifte en de hieraan verbonden risico’s uitvoerig werden beschreven. Na het lezen van het prospectus zou een potentiële vennoot volledig op de hoogte moeten zijn van het aanbod en vooral van de financiële risico’s verbonden aan het intekenen op de uitstaande aandelen. Althans, zo luidde de theorie …

Het opstellen van dergelijke prospectus heeft al gauw 10.000 euro aan administratiekosten, vaak nog verhoogd door aanzienlijke consultancy fees. Die hoge kost vormde voor coöperaties vaak een onoverkomelijke drempel om kapitaal op te halen. Voor de potentiële vennoot in kwestie bood zo’n prospectus in de praktijk vaak geen enkele meerwaarde: de vaak vele honderden pagina’s financieel vakjargon werkten eerder afschrik- dan vertrouwenswekkend.

Erkende coöperaties konden evenwel een vrijstelling van de prospectusplicht genieten indien:

  • de totale tegenwaarde van de aanbieding minder dan 5.000.000 € bedroeg;
  • het maximumbedrag waarop kon worden ingeschreven in het kader van het aanbod – voor de coöperatieve vennootschappen met als doel de vennoten bij de bevrediging van hun particuliere behoeften een economisch of sociaal voordeel te verschaffen – beperkt was, zodat bij afloop van dit bod geen enkele vennoot die op het bod inschreef voor meer dan 5.000 euro aandelen (nominale waarde) in de coöperatieve bezat;
  • alle documenten over de openbare aanbieding de totale tegenwaarde ervan, alsook, voor zover toepasselijk, de drempel per belegger vermeldden.

Heb je nog een aanbieding lopen die voor deze datum startte? Lees dan goed de overgangsregeling verderop.

Situatie vanaf 21/07/2018

Dankzij een Europese verordening hebben we sinds de zomer een nieuwe prospectuswet. Doel: een gelijk speelveld creëren voor alle vennootschappen bedrijvig in de Europese Unie. In verschillende buurlanden was de vrijstelling van prospectus namelijk al jaren aanzienlijk hoger dan de ‘oude’ Belgische drempel. De nieuwe Prospectuswet verhelpt dus dit onevenwicht dat mogelijk aanleiding gaf tot oneerlijke concurrentie.

Dankzij een nieuwe regelgeving geldend voor alle Belgische vennootschappen, inclusief de coöperatieve:

  • dient er geen prospectus te worden opgesteld voor aanbiedingen van effecten van minder dan 500.000 euro, op voorwaarde dat de belegger voor maximum 5.000 euro kan ingaan op het aanbod.
  • geldt voor aanbiedingen tussen 500.001 € en 5 miljoen € een vrijstelling van prospectus. Wel moet een ‘informatienota’ worden opgesteld. Dit is een beknopt document waarin essentiële informatie over het aanbod is opgenomen. (richtlijnen: zie hieronder)
  • moet voor aanbiedingen hoger dan 5 miljoen euro een prospectus worden opgesteld.

Wat betekent dit voor erkende coöperaties?

1. Voor een emissie van hoogstens 500.000 euro

  • De nieuwe regelgeving leidt zonder meer tot een vereenvoudiging indien de coöperatie niet meer dan 5.000 euro per vennoot ophaalt. Er is geen enkele vorm van informatie en/of aanmelding bij de FSMA meer vereist. Alle openbare documenten moeten wel nog het totaalbedrag van de aanbieding evenals het maximumbedrag per belegger vermelden.
  • Anderzijds mag je meer dan 5.000 euro per vennoot ophalen: de FSMA zet geen beperking op het bedrag dat je per vennoot binnen die schijf mag ophalen. In dat geval is wel een informatienota vereist en wordt er aangeraden om de laatste twee jaarrekeningen door een commissaris te laten verifiëren. Doe je dat niet, dan moet je daar in jouw externe communicatie expliciet op wijzen.

2. Voor een emissie tussen 500.001 en 5 miljoen euro

  • Indien je niet meer dan 5.000 euro per vennoot ophaalt, betekent de nieuwe regelgeving wat meer administratie en mogelijk meer kosten in vergelijking met de uitzondering waarvan erkende coöperaties tot in juli 2018 konden genieten. Ook in dit geval moet je een informatienota opstellen en (optioneel) jouw laatste 2 jaarrekeningen door een commissaris laten verifiëren. Doe je dat niet, dan moet je daar in jouw externe communicatie expliciet op wijzen.
  • Anderzijds krijg je ook binnen deze schijf de mogelijkheid om meer dan 5.000 € per vennoot op te halen, mits je bovenvermelde procedure volgt. Een liberalisering dus, die meer dan ooit toelaat om jouw coöperatie door externen van eigen vermogen te laten voorzien.

3. Voor een emissie boven de 5 miljoen euro

  • Er verandert niets tegenover de vorige regeling. Er moet een prospectus opgesteld worden.

Voor de volledigheid geven we even de regels mee voor aanbiedingen op gereglementeerde en niet-gereglementeerde markten, waar coöperaties omwille van hun specifieke structuur hoe dan ook geen toegang tot hebben:

  • voor aanbiedingen die verlopen via een notering op een niet-gereglementeerde* markt is geen prospectus vereist voor aanbiedingen tot 8 miljoen euro.
  • voor aanbiedingen die verlopen via een notering op een gereglementeerde markt (bv. De Euronext in België) is dan weer altijd een prospectus vereist.
    *Niet-gereglementeerde markt: Voor bedrijven die niet (kunnen) voldoen aan de eisen van de gereglementeerde beurs is er ook een niet-gereglementeerd segment (zoals de Vrije Markt op Euronext of de Amerikaanse pink sheets). Daar gelden voor de ondernemingen minder strikte regels op het vlak van transparantie, publicatie van jaarcijfers of boekhoudnormen.

Overgangsregeling: let op als je als erkende coöperatie een aanbieding lopende hebt!

Ten slotte wijzen we nog even op de overgangsregeling. Het grootste deel van de regeling van de prospectusverordening zal op 21 juli 2019 in werking treden.

De bepalingen over de nieuwe drempel voor de toepassing van de prospectusplicht en de regeling waarvan sprake rond de informatienota die we hier behandelen, traden al op 21 juli 2018 in werking, met dien verstande dat de vroegere regeling van toepassing zal blijven op de aanbiedingen die op die datum nog steeds lopen.

Opgelet: van dat principe wordt echter afgeweken wanneer het gaat over:

  • de vrijstellingen van de prospectusplicht met betrekking tot de openbare aanbiedingen van aandelen in bepaalde coöperatieve vennootschappen (in het kader van de vrijstelling verbonden aan de NRC-erkenning)
  • effecten die aan werknemers worden aangeboden ter uitvoering van participatieplannen van de wet van 16 juni 2006.

Aanbiedingen aan het publiek van deze twee categorieën die op 21 juli 2018 reeds lopen, zullen vanaf 21 oktober 2018 aan de nieuwe regeling onderworpen worden. Die doorlopende aanbiedingen zullen in bepaalde gevallen niet kunnen blijven genieten van de vroegere vrijstellingen, aangezien die niet als dusdanig hernomen worden in het wetsontwerp. Met andere woorden: als je als erkende coöperatie sedert 21 juli 2018 een aanbieding lopen hebt in het kader van de vroegere NRC-vrijstelling, ga dan na of je geen informatienota moet opstellen! Dat zal het geval zijn indien je kapitaal ophaalt in de schijf tussen 500.000 euro en 5 miljoen euro, ook al is dat bedrag beperkt tot 5.000 euro per vennoot!

De informatienota: praktische instructies

Coöperatieve vennootschappen die tussen de 500.001 € en 5 miljoen € ophalen moeten voortaan dus een informatienota opstellen. Doel: de potentiële vennoot essentiële info bieden over de vennootschap waarin hij mogelijk zal participeren.

De informatienota moet worden gepubliceerd op de website van de uitgevende vennootschap (of de financiële tussenpersonen). Deze nota moet uiterlijk op het moment waarop hij beschikbaar wordt gesteld voor het publiek, bij de FSMA worden neergelegd.

Daartoe moet een exemplaar van de informatienota (in elk van de talen waarin zij zal worden verspreid) per e-mail naar het adres intro.notification@fsma.be worden gestuurd in pdf-formaat.

Let wel, op de informatienota wordt geen voorafgaandelijk toezicht door de FSMA uitgeoefend. Met andere woorden: de toezichthouder zal de nota niet voor publicatie goedkeuren. Ze zal wel bevoegd zijn de inhoud te controleren, en om administratieve maatregelen of sancties te nemen als zou blijken dat de hij niet aan de wettelijke vereisten voldoet. Die controle zal dus na de publicatie van de informatienota worden uitgevoerd. Het feit dat de FSMA geen voorafgaandelijke controle heeft uitgevoerd, moet bovendien op een prominente plaats bovenaan de informatienota worden vermeld.

Opgepast! De informatienota wordt beschouwd als een ‘precontractueel document’. Als bepaalde gegevens ontbreken, onvolledig, onjuist of misleidend zijn, kunnen betrokken partijen (de FSMA maar evengoed uw nieuwe vennoot) naderhand dwaling of bedrog inroepen. Dit kan aanleiding geven tot de nietigheid van de overeenkomst of zelfs het aansprakelijk stellen van de uitgever.

Inhoud van de e-mail

De e-mail aan de FSMA moet de volgende informatie bevatten:

  • de identiteit van de uitgevende instelling, de aanbieder of de aanvrager van de toelating tot de verhandeling, naargelang het geval;
  • het soort verrichting, het soort beleggingsinstrument waarop de verrichting betrekking heeft, en, in voorkomend geval, het maximumbedrag van de verrichting;
  • de wettelijke basis voor de neerlegging van de informatienota bij de FSMA (artikel 18 van de wet);
  • de personalia van de persoon die het aanspreekpunt zal zijn voor de FSMA, en aan wie de FSMA alle kennisgevingen in verband met het dossier langs elektronische weg kan overmaken.

De FSMA zal de ontvangst van die informatie per e-mail bevestigen.
Ook elke aanvulling op de informatienota moet onmiddellijk bij de FSMA worden neergelegd volgens voornoemde instructies.

Indien na ontvangst van de informatienota niet onmiddellijk tot publicatie kan worden overgegaan, vraagt de FSMA om dit expliciet in de e-mail aan te geven en ook de datum te vermelden waarop de informatienota zal gepubliceerd worden.

Inhoud van de informatienota

Een gedetailleerd schema dat verduidelijkt welke informatie in de informatienota moet worden opgenomen, wordt heel binnenkort bij koninklijk besluit vastgesteld. In afwachting van de definitieve inwerkingtreding van dat koninklijk besluit raadt de FSMA aan om het ontwerp van koninklijk besluit als uitgangspunt te gebruiken. Let wel: wellicht zal het definitieve koninklijk besluit eind september of begin oktober 2018 al in voege treden.
https://www.fsma.be/sites/default/files/public/content/consultaties/2017/2017_implementatie_relement_prospectus_projet_ar.pdf

Tip: de FSMA publiceert de neergelegde informatienota’s en eventuele aanvullingen hierop op haar website: https://www.fsma.be/nl/prospectus-INFO. Hoewel die publicatie onder de uitsluitende verantwoordelijkheid van de aanbieder gebeurt, kunnen deze voorbeelden op termijn verhelderend werken wanneer jouw coöperatie zelf zo’n informatienota in het kader van een kapitaalsverhoging dient op te stellen.

Tips voor nog meer transparantie

Dat de (erkende) coöperaties meer vrijheid krijgen om risicokapitaal bij hun (potentiële) vennoten aan te trekken, vinden we bij Febecoop een goede zaak. Even belangrijk vinden wij het principe van betrokkenheid en transparantie naar die (potentiële) vennoten. De vennootschap draagt een grote verantwoordelijkheid over de middelen die haar door de burger ter beschikking gesteld worden. Daarom hopen wij dat de informatienota haar doel zal bereiken: op een voor de vennootschap administratief eenvoudige manier toch de juiste informatie aan de (potentiële) vennoot aanbieden.

Daarnaast is het in een coöperatie volgens ons belangrijk om ook na het verwerven van de middelen op een heldere manier te blijven communiceren over de aanwending ervan. Dit kan binnen de geijkte organen als de algemene vergadering maar ook via de vele kanalen die er vandaag zijn om met vennoten te communiceren en hem te betrekken.

In dit verband verwijzen we graag naar het label dat FairFin en haar Franstalige zusterorganisatie Financité hebben ontwikkeld voor financiële producten die een duurzame en/of sociale doelstelling dienen en waarbij o.a. ook transparantie een criterium is. Een zeventigtal financiële producten heeft momenteel dit label, waaronder aandelen van een aantal erkende coöperaties. In het kader van het toekennen van dit label wordt de verplichte informatienota van de FSMA door FairFin en Financité aangevuld met een aantal gegevens die de eigenheid van erkende coöperaties die extern kapitaal zoeken beter zichtbaar moeten maken voor potentiële vennoten.

Blijf op de hoogte van deze en andere evoluties via de e-nieuwsbrief.

photo credit: Miguel Lorenzo Fotografía Huevos via photopin (license)

Peter Bosmans – 17/09/2018