“Hoe meer visies, hoe beter je strategie”

12/05/2021

Vijf vragen over strategische planning aan Mathy Bevernage van De Noordboom

Bouwbedrijf De Noordboom is gespecialiseerd in houtstructuren. Het is een coöperatie waarvan de medewerkers mede-eigenaar zijn of kunnen worden. Toen er zich belangrijke verschuivingen voordeden binnen het bedrijf, bleek al snel dat ze niet verder zouden kunnen zonder een nieuwe, gedragen strategie. Een gesprek met Mathy Bevernage, bestuurder en medewerker van De Noordboom. 

Mathy Bevernage (midden) en medevennoten van De Noordboom. Het deel van het bedrijfsgebouw waar vroeger de materialenhandel Eurabo gevestigd was, wordt nu gebruikt om houtconstructies op voorhand te maken. Het rendement ligt hoger nu dit werk vooraf in plaats van op de werf gebeurt. Dat idee ontstond tijdens een strategisch traject.

De Noordboom is een bouwonderneming die allerlei projecten realiseert, inclusief riolering en afwerking, zolang er houtstructuren inzitten. Ze werken zo veel mogelijk met ecologisch materiaal dat hernieuwbaar want hergroeibaar is. Eind jaren ‘80, niet lang na de oprichting, werd het bedrijf een werkerscoöperatie. “Omdat we open met elkaar wilden omgaan”, zegt Mathy Bevernage, die er toen al bij was. Toen een nieuwe strategie zich opdrong, deden ze een beroep op Febecoop. Ons net verschenen handboek Strategisch plannen in de sociale economie was voor Mathy dan ook een aangenaam weerzien.

1. Welke passages uit het handboek zijn voor De Noordboom al cruciaal gebleken?

Mathy: Als ik één tip moet noemen, dan zou ik zeggen: dat je niet enkel van je eigen visie op de zaak moet vertrekken, maar verschillende mensen moet betrekken. Bijvoorbeeld om je omgevingsfactoren in kaart te brengen. Daar hebben wij goede ervaringen mee. Na een weekend over strategische planning met de werkvloer en het management, hebben we ons plan verder uitgewerkt en hebben we het afgetoetst bij externen. Allereerst bij de externen in onze adviesraad. Verder hebben we gesproken met klanten en architecten met wie we samenwerken, om na te gaan of onze visie op de evolutie in de markt klopte. Dat bleek het geval. Daarom lijkt die stap misschien overbodig, maar hij was wel de moeite waard, want je kan overtuigd zijn van iets dat niet klopt. Nu, omdat we het proces intern met een grote groep gestart zijn, was ons beeld wellicht vrij volledig.

2. Waarom vonden jullie het nodig om jullie strategie te hertekenen?

Om de betrokkenheid hoog te houden en om met z’n allen op het juiste spoor te blijven. Er waren namelijk best wat veranderingen geweest in het bestuur en het management. Dat kwam ook doordat de handel in ecologisch bouwmateriaal die in de schoot van De Noordboom was ontstaan, verzelfstandigd werd tot de handelszaak Eurabo. Ook al zit dezelfde visie erachter, beide bedrijven hadden een eigen ontwikkeling nodig. We gingen dus van start met een nieuwe ploeg bestuurders en managers en wilden nagaan of onze missie gekend en gedragen was bij hen en ook bij de projectleiders en tekenaars.

3. En waarom kozen jullie ervoor om dit onder externe begeleiding te doen?

De zaken op gang trekken gebeurt beter door een extern iemand. Sommige zaken kunnen we intern wel, maar het komt anders over bij medewerkers dan wanneer het door een collega gebeurt. En Peter van Febecoop kent de materie heel goed, dus dat is ook zeker een meerwaarde. Het proces verliep zoals in het boek, vandaar dat het heel herkenbaar is.

Eind vorig jaar zijn vijf medewerkers vennoot geworden. Dat was de bekroning.

4. Wat zijn de belangrijkste vruchten die de nieuwe strategie heeft afgeworpen?

Uit het proces zijn actiepunten gekomen die gerealiseerd zijn. Zo zijn er eind vorig jaar vijf medewerkers vennoot geworden. Dat was de bekroning, de laatste fase die we vooropgesteld hadden. Na de verzelfstandiging van Eurabo en het vertrek van een aantal vennoten, hadden we nieuwe vennoten nodig en om dat snel rond te krijgen zijn ook mijn kinderen die in de zaak werken, erin gestapt. Maar we wilden geen gesloten familiebedrijf worden, we wilden De Noordboom juist opnieuw meer openstellen. En dat is gelukt: in totaal zijn nu al tien van de dertig medewerkers vennoot.

5. Wat neem je mee uit het proces en zou je zo opnieuw doen?

Wat zeker een van de pluspunten was van het proces, is dat we intern heel veel opgehelderd en uitgesproken hebben. Daardoor wordt alles duidelijker voor de medewerkers, wat op zijn beurt de betrokkenheid verhoogt. Dat kan ik zeker aanraden: zo veel mogelijk medewerkers in het proces betrekken. Bij ons waren ze op dat moment nog geen vennoot, maar iedereen komt met een bepaalde visie en dat werpt vruchten af.

_______________________________

Meer weten over strategie?

Bekijk de inhoud van ons boek ‘Strategisch plannen in de sociale economie’ of lees het hoofdstuk ‘Hoe begin je aan een traject van strategische planning’.